
Goedemorgen allemaal op deze prachtige dag rondom empowerment oftewel kracht vanuit jezelf. Ik voel me vereerd dat ik iets mag vertellen over wat empowerment voor mij betekent en hoe de herstelbeweging, HEE en Rehabilitatie binnen is gehaald bij GGZ regio Breda en wat cliënten en werkers daar van merken.
Ik wil beginnen met een gedicht:

Dit gedicht is van Marion Brekelmans, gevonden na haar zelfgekozen dood en afgedrukt in de gedichtenbundel “Te gek voor woorden” tijdens het Kwartiermakersfestival 2005.
Als iets voor mij verbonden is met empowerment of eigen kracht vinden dan is het wel DURVEN TE GAAN LEVEN. Met grote letters geschreven!
En niet alleen durven te gaan leven met alles erop en eraan maar vooral weer DURVEN TE GAAN LEREN. Durven durven durven en DOEN DOEN DOEN. Kleine stapjes, succesjes boeken, omgaan met teleurstellingen, omgaan met terugval, omgaan met opnieuw een crisis. Elke keer weer opkrabbelen en van elke crisis weer wijzer worden. Leren steeds maar weer, leren van al je eigen ervaringen. Vooral jouw oplossingen gaan zoeken en vinden. En......veel fouten mogen maken met dit alles.
Waar Marion om vraagt in haar gedicht is een omgeving, zo lees ik dat althans, die veilig genoeg is om te mogen gaan experimenteren en ontdekken wie ben jij nu zelf. Waar sta je voor, waar gaat jouw bloed weer van stromen. Zij wil erkenning en herkenning voor haar gevoelens. Zij wil har angsten kunnen delen met mensen, die haar begrijpen. Dat zij niet de enige is die zo zit te worstelen met het leven.
Bij velen van ons zijn er nare en/of traumatische dingen gebeurd in het verleden. We zijn gaan overleven op allerlei manieren en kwamen toen terecht in de hulpverlening. Daar gebeurde vaak weer heel traumatische gebeurtenissen op opnameafdelingen en we gingen nog harder overleven.
Terwijl ik zo graag wilde leren leven met alle goede en ook pijnlijke gevoelens die daar ook bij horen.
Wat ik bij veel cliënten en ook bij mij zelf zag, was dat ons vertrouwen in mensen ernstig beschadigd was en dat ons zelfvertrouwen helemaal ver te zoeken was. Toen ik uit de dagbehandeling kwam en mijn eerste stappen “buiten”ging zetten, was er niets meer over van enig gevoel van eigenwaarde. Bovendien worstelde ik met het gigantische stigma rondom gekte en het gekkenhuis. Dit worstelen deed ik allemaal in mijn eentje.Dat was een zware tijd. Een docent op de opleiding NT 2 (nederlands als tweede taal aan buitenlandse mensen) schreef onder een werkstuk wat ik had gemaakt: “Kun jij een positief capaciteitenprofiel maken van jezelf? Wij samen?”
Dat was mijn eerste grote stap op mijn herstelpad. Oftewel ik begon te voelen dat er kracht in mij verscholen zat. Ik ging terugkijken op mijn leven(44 jaar toen) en mijn capaciteiten terugzoeken en op een rijtje zetten. Deze man zie ik nog af en toe als ik belangrijke keuzes ga maken. Samen zijn we dan twee of drie uur bezig en dan kan ik weer maanden vooruit. Want eigen kracht gaat ook samen met eigen verantwoordelijkheid en eigen keuzes maken. Zelf verantwoordelijkheid nemen voor jouw geluk. En dat is een moeilijke! Als je je bewust wordt dat jij zelf je hel, je hemel of iets daar tussen in creëert.
Marion en velen met haar die zelf een einde aan hun lijden en leven hebben gemaakt, hebben niet die kans gehad om ervaringsdeskundigen te ontmoeten en te zien dat er wel nog HOOP is in en na de psychiatrie. Marion wilde niet dood, zij wist alleen niet hoe het leven te durven gaan leven. Zij had support nodig van mensen die ook die wanhoop gekend hebben en die niet meer bang zijn van die wanhoop. Die naast de wanhoop durven te zitten en niet hoeven te helpen. Want het is belangrijk dat wij onszelf leren te helpen. En Marion, we zijn met velen die in hetzelfde schuitje zitten of gezeten hebben. En in herstelwerkgroepen, allerlei zelfhulpgroepen, cursus Herstellen doe je Zelf gaan we deze gevoelens met elkaar delen maar vooral ook kijken wat kun jij nu zelf doen om jouw herstelproces op jouw manier vorm te geven. Welke rollen wil je wel en welke wil je niet meer vervullen. Leren anders om te gaan met jouw kwetsbaarheden maar vooral jouw capaciteiten te vergroten waardoor de kwetsbaarheid beter te dragen valt en soms zelfs kleiner wordt of verdwijnt. En.....ieder mens heeft wat anders nodig om te herstellen. Daar is geen recept voor te geven.
En dan blijkt dat wij allemaal kennis in huis hebben en dat wij van elkaar kunnen leren. Ervaringskennis hoe je leven weer vorm te geven met jouw psychische kwetsbaarheid. Hoe geef je jouw leven weer zin rondom die kwetsbaarheid. Hoe gaan we om met stigma en zelfstigma. Hoe gaan we om met eenzaamheid. Dat is allemaal ervaringskennis. Dan voelen we de zo broodnodige herkenning en erkenning dat wij niet gek zijn. Dan voelen we dat we krachten in huis hebben waar we dan ook weer van schrikken. Durven en kunnen wij in onze kracht te gaan staan en durven wij onszelf te bevestigen? Er zijn nog werelden voor ieder van ons om te ontdekken en daar is deze dag een prachtig begin van. Als ervaringskennis een net zo belangrijke plaats in gaat nemen naast wetenschappelijke en hulpverlenerskennis dan gaan we goede zorg krijgen voor alle cliënten binnen de GGZ. Ervaringskennis is een verrijking naast professionele kennis.
Zoals deze gevelde boom, zo voelde ik mij toen ik voor het eerst (en daarna nog enkele keren) opgenomen ben na mijn psychoses die overgingen in depressies. Ik had geen poot meer om op te staan, geen wortels die de grond ingingen. Ik voelde geen verbinding meer met mezelf, laat staan met de mensen om mij heen. Ik kon dan ook geen contact meer maken met anderen en zij konden mij lange tijd niet meer bereiken.
Ik voelde me dood en niet verbonden met......
Ik twijfelde aan alles wat ik tot dan toe - 38 jaar oud - had gedaan. Op relatiegebied, op werkgebied, op persoonlijk gebied, alles was één grote brij en één grote komedie, dacht ik. Als ik daar nu op terugkijk, worstelde ik met heel gewone levensvragen.Ik had moeite met “ik, de ander en wij” en hoe ik me daarin wilde verhouden. Wie ben ik? Waarom ben ik hier? Wat wil ik eigenlijk met werk? Hoe eerlijk ga ik om met mensen? Wat is van mij, wat is van de ander? Enfin, heel “gewone” zaken, waar elk mens weleens mee worstelt.Toch liep die worsteling bij mij uit de hand. Het liep zó op dat ik in een psychose, en daarna in een depressie terechtkwam.
Als kind had ik niet geleerd om in contact met mijn behoeftes te komen. Daar was geen ruimte voor. Pas door langdurige therapie leerde ik uiteindelijk alsnog zorg te dragen voor mijn eigen welbevinden. Herstellen blijft een langzaam proces en dat is maar goed ook. Herstellen, leren of groeien als mens doen we allemaal tot we onder de zoden liggen. Het leven is een groot leerproces voor iedereen als het goed is. Daar hoef je echt niet gek voor te zijn. Veel pijnlijker was het dat ik - toen ik door een psychose in het “gekkenhuis” terechtkwam – bovenop mijn verwardheid ook nog eens te maken kreeg met een gigantisch stigma over mijn “gekte”. Dat deed ik overigens ook zelf. Ik dacht dat iedereen het aan me kon zien. Ik was gebrandmerkt en brandmerkte mezelf nog harder. Maar ik was helemaal niet gek. Ik was beschadigd en gelukkig heb ik daar door allerlei therapieën meer inzicht in gekregen. Het leven stapje voor stapje weer gaan leven, met alles erop en eraan, heeft mij weer verbinding gegeven.
Vooral het contact, de laatste tien jaar, met steeds meer ervaringsdeskundigen overal in het land heeft mij gebracht bij mijn eigen ervaringswijsheid. Ook scholing op het gebied van ervaringsdeskundigheid is van enorm belang geweest. Het vergt veel moed èn doorzettingsvermogen om in therapie te zijn en tegelijkertijd je leven opnieuw vorm te geven. Op de foto achter mij kom ik later in mijn verhaal nog terug.
Nu wil ik met u naar ons traject in GGZ regio Breda.

Door deze cursussen brengen we zowel bij clienten als bij hulpverleners een bewustwordingsproces op gang.
Clienten worden zich bewust van hun eigen kracht en talenten. Dat ze zelf de regie kunnen gaan voeren over hun herstelproces en vooral dat er HOOP is op betere tijden. Bij hulpverleners gaat het erom dat ze zich bewust worden van eigen herstelprocessen en vooral wat belemmerend en wat bevorderend is voor herstel. En de volgende vraag is: hoe maak je die vertaalslag dan naar de cliënt. Als Herstel en Herstelondersteunende Zorg érgens voor mij over gaat, dan is het wel over de beeldvorming over “gek”en “normaal” en de dunne scheidslijn daartussen . Wat is gek, wat is normaal? Cliënten en hulpverleners hebben beelden over elkaar. Zij zijn daarin niet de enigen. Vanuit angst, gewoonte en gemak plakken wij voortdurend van alles op de ander en we denken bovendien dat dàt de waarheid is. Beeldvorming in de psychiatrie wordt extra pijnlijk doordat er ook nog eens een enorm machtsverschil is tussen hulpverleners en cliënten. De een heeft de macht om van alles van jou te vinden en met je te doen, de ander zit totaal verward aan de andere kant en denkt dat die ander het wel zal weten. De wereld van de psychiatrie doet mij wel eens denken aan die van de mijnwerker en de student mijnbouwkunde.Een student mijnbouwkunde leert alles over ‘de mijn’: over alles‘daar diep in de grond’, over hoe het daar moet en ook niet, over hoe er gestut moet worden en over wat mijnwerkers daar nodig hebben en wat niet. Zo’n studie mijnbouwkunde is geweldig, is nodig, is een aanwinst en brengt veel goeds.
Echter:
De mijnwerker heeft dat allemaal niet in Delft in collegebanken mogen opsnuiven. Die zit op de plek zelf, honderden meters onder de grond, soms tot aan z’n nek in gruis en in zwart. De mijnwerker ervaart daar aan de levende lijve wat het is om daadwerkelijk onderwerp te zijn van het vak van de student. Wat zou nu een ideale vorm van mijnbouwkunde zijn? De integere samenwerking tussen de mijnwerker en de student mijnbouwkunde.
Want ook de student mijnbouwkunde kent de angst voor het donker. Hij weet dat stutten kunnen doorzakken en fundamenten kunnen verschuiven. Hij kent de angst om diep onder de grond te zijn, te verdwalen en nooit meer de blauwe lucht te aanschouwen.
De overeenkomst met ons onderwerp van vandaag zal duidelijk zijn.
In de psychiatrie is er aan de ene kant de wereld van de professionele hulpverlening, de mijnstudent. En aan de andere kant zitten de mensen met een psychische kwetsbaarheid, de mijnwerkers. Die student studeert hard op wat de mens met een psychische kwetsbaarheid beleeft, doorstaat, verduurt en nodig heeft. De wereld van de professionele hulpverlening is ook begaan met die mens, anders zouden ze wel een ander vak – kapper of voetballer - hebben gekozen. Die professionals willen echt het allerbeste voor de mens met een psychische kwetsbaarheid. Maar in hun ijver om er toch vooral voor die mens in nood te zijn, gaan zij wel eens een stapje te ver.
Goedbedoeld maar toch te ver. Hoe?
Door het te veel te wéten voor de ander, door te veel afstand te nemen zonder voeling te houden met eigen kwetsbaarheid. Door in te vullen, over te nemen, en te bepalen. Door oprecht te menen vanuit studie en onderzoek wat voor de cliënt het beste is. En daartegenover staat dan de cliënt. Die wil graag professionele zorg maar wil ook nog iets anders: inlevingsvermogen, luisteren maar dan ook echt luisteren, onbevooroordeeld en open, nabijheid ervaren, samenspraak, gedeelde zorg, eigen kracht, eigen verhaal, zelf de regie hebben, en ondersteuning daar waar nodig.
Het klinkt zo gewoon, maar het is blijkbaar het moeilijkste wat er is. De boeken even in de kast, en eerst maar eens contact maken en goed luisteren.
Binnen GGZ regio Breda is ook lange tijd gewerkt en gedacht vanuit twee werelden, die van de professionele hulpverleners en die van de cliënt. Wat ik nu tot mijn grote vreugde zie gebeuren is dat de twee werelden elkaar voorzichtig beginnen te bevruchten. De scheidingswand wordt meer transparant, en kennis uit beide werelden wordt meer geïntegreerd. Dan hebben we het over : leren van elkaar, over dialoog, over samenwerking en samenspraak, over verlaging of zelfs elimineren van hiërarchische obstakels. Dan hebben we het over allebei ervaren, allebei luisteren, allebei suggesties doen, allebei inspraak hebben. Dan praten we over SAMEN. Wat daarvoor nodig is, is dat, hoe groot de belemmeringen in een mens ook mogen zijn, elk mens een mens blijft. En daarin vervaagt onderscheid naar professie, macht, invloed, geld of titels. Menszijn moet je durven, menszijn moet je kunnen, menszijn moet je soms weer even in herinnering gebracht krijgen. Dit vraagt dat we aan elkaar leren en weten dat de leraar ook leerling is en de leerling ook leraar. Dat de psychiater ook bang is en de cliënt ook sterk. Dat de hulpverlening ook vragen en twijfels mag hebben en dat de cliënt vaak zelf de antwoorden heeft. We waren vergeten dat de mens meer is dan zijn kwetsbaarheid. We waren vergeten dat we hem of haar niet als zwak moeten wegzetten. We waren vergeten gebruik van de kracht van de cliënt te maken uit de drift en de drive hem vooral te willen ‘genezen’. We waren vergeten dat het niet kàn, een ander beter maken. Dat ieder mens zichzelf beter maakt met support van anderen. Hulpverlening is er daar slechts één van. Dit alles vraagt een heel andere beeldvorming, een heel andere houding ten op zichte van elkaar. Durft de cliënt anders naar zichzelf en de hulpverlener te kijken? Durft de hulpverlener anders naar zichzelf en de cliënt te kijken. En vooral durven we anders te gaan DOEN . Een heel spannend proces dus ...

Studiedag Herstel en ambassadeursoverleg
Voor mij is dit laatse het duidelijkst zichtbaar in de Studiedagen Herstel, die ik samen met twee HEE-docenten mag geven. Cliënt en hulpverlener komen in koppel daar naartoe en zitten samen in een lerende positie over herstel en hulpverlening. Ook zie ik dit samenwerken gebeuren bij het ambassadeursoverleg waar er over en weer begrip komt voor elkaars positie. Samen gaan we in gesprek over hoe Herstelondersteunende Zorg beter kan verlopen.
Cliënten geven aan dat zij zich door de cursussen over Herstel, Empowerment en Herstelwerkgroepen bewuster van zichzelf worden, wakker worden, en weer verbinding voelen. Je hoort er weer bij en voelt herkenning bij elkaar. Er is ruimte voor erkenning van al je gevoelens, ook die van machteloosheid, verlies, gebrek aan zelfgevoel, en vaak zelfs zelfhaat. Altijd weer is er die omslag: maar wat kun jij zelf doen om hier anders in te gaan staan? Er onststaan prachtige nieuwe initiatieven, zoals het Psycafé en ontmoetingsgroepen voor mensen die stemmen horen en/of zichzelf verwonden.
Kortom er is HOOP. Er begint een ander perspectief te komen. Mensen durven weer te gaan dromen ondanks alle ups en downs, ook al blijft het altijd zoeken om met de eigen kwetsbaarheid om te gaan. Ik zie dat dagelijks om mij heen, en ik ervaar het ook zelf aan den lijve.
Ook bij medewerkers zie ik een enorm enthousiasme om echt anders te gaan kijken en doen. Toch levert die andere houding ook grote twijfels op bij werkers. Hoe moet je het dan nu wèl doen? Professionele nabijheid i.p.v. distantie. Maar hoe? Durf je werkelijk naast de mens te gaan zitten die lijdt? Durf je dat te verduren? Geloof je echt in het herstellend vermogen, in de eigen kracht, ook als je nauwelijks contact krijgt? Durf je te blijven zoeken zonder je afgewezen te voelen? Durf je cliënten te prikkelen en te verleiden tot.Teams vragen steeds vaker om herstelondersteunende coaching, omdat zij scherp willen blijven op deze nieuwe manier van kijken en denken over cliënten. Het is belangrijk dat in de toekomst in al die teams twee ervaringsdeskundigen gaan werken. Goed betaald voor hun specifieke kennis.

Het hele traject wat wij gaan, wil allen die erbij betrokken zijn, bevrijden van angst en klem. Vertrouwen en Hoop zijn de nieuwe uitgangspunten.
Mag de passie weer terugkomen in zowel het werk als in durven te gaan leven. De psychiatrie mag verlost worden uit oude beelden, oude denkwijzen, beperkende visies en hiërarchische hindernissen. De psychiatrie mag zich verheugen op steun uit onverwachte hoek: namelijk die van de cliënt!
En er begint stroom (zie foto) in de psychiatrie te komen. Waar (zie foto) bomen kunnen ontwortelen en omvallen, kan er door samen in de stroom te durven gaan staan, een nieuwe worteling komen. Er is ( zie foto) moed voor nodig de stroom, het water,over te steken naar de gezonde en bloeiende kant. Maar er is ook moed voor nodig om de stap van gewortelde naar ontwortelde te zetten.
Het geeft “natte pakken”. Maar het is volgens mij ZEER de moeite waard.
We staan nog maar aan het begin, het kost geld en moed. De DBC’s en CIS-indicaties staan haaks op de Herstelvisie. En toch.....het gaat erom er nu echt voor te gaan. Vol te houden. Ik geloof in de eigen kracht van cliënten, ervaringsdeskundigen, medewerkers èn management!
